Soms denk ik wel eens: hoe was het een paar jaar geleden ook alweer? Zonder Garmin, en vooral zonder Strava. Oké, toen was fietsen net zo leuk. Maar ik geef het eerlijk toe: ik ben groot fan van het online fietsplatform. Een Strava-fetisjist. Niet zozeer in het bemachtigen van zoveel mogelijk kommetjes, maar vooral in zorgvuldig bestuderen van segmenten van trainingen en vooral wedstrijden. Waar won ik het, waar verloor ik het? Hoe ging de eerste ronde ten opzichte van de laatste? En als ik een parcours al eens vaker heb gereden: hoe hard reed ik ten opzichte van voorgaande jaren? Met welke hartslag? Ik kan er uren zoet mee zijn.

9th-Wave-logo-OG-Compleet-logo-A_nl

Vaak kom ik na een online Strava-sessie tot de conclusie die ik dit seizoen ook al in meerdere blogs heb getrokken. Dat ik bergop best aardig heb gereden, maar het in de dalende kilometers heb verloren. Dat laatste was ook het geval toen ik mijn files bekeek tijdens de Alpentour Trophy. Al viel de schade bergaf wel mee (al doende leert men) en werd ik deze keer wel heel gelukkig van het bestuderen van de segmenten bergop . Want toen ik mijn tijden op een paar langere beklimmingen ging vergelijken met vorig jaar zag ik dat ik op meerdere beklimmingen van 1000 hoogtemeters (zeg maar een uur bergop rijden) bijna vijf minuten won op mijn eigen ik van 2015, en dat in zwaardere omstandigheden.

Bevestiging
Het was een bevestiging van een gevoel dat ik al had tijdens de twee wedstrijden daarvoor, de Rhenser Rhein Hünsruck Marathon en de Montferland Marathon. Waar ik na twee goede races in Portugal, een mislukte Roc d’Ardenne en een extraatje in Albstadt wel het gevoel had dat ik aardig op weg was, begin ik nu langzaam maar zeker conditioneel écht de vruchten te plukken van Project Elite powered by 9thWave, oftewel van al het door trainer Guido Vroemen opgedragen werk.

Rhenser Hünsruck Marathon
Dat begon dus een paar weken geleden in Rhens, de openingsmanche van de Sforz Continental Marathoncup. Waar ik me had verheugd op eindelijk een keer een kurkdroge marathon in warme omstandigheden, viel er de dag voor de koers dusdanig veel regen in het kleine Duitse plaatsje dat het parcours tot mijn teleurstelling was veranderd in aardige modderpoel. Ik was door de in Albstadt opgedane skills niet superslecht bezig in die omstandigheden, maar had simpelweg een pechdag, gecombineerd met een licht gebrek aan focus. Voordat we het twintig kilometerpunt gepasseerd waren stond ik door onoplettendheid al een paar keer langs het parcours. Ik had ook wat schakelproblemen (stond in slotfase zelfs drie minuten stil). Door dat alles werd het een solorace, waarin ik pas in de laatste 30 kilometer op gang kwam. Ik rekende op een grote achterstand,  maar toen ik de uitslag bekeek viel de schade op mijn concurrenten wel mee. Conclusie: ik had met mijn stuntelwerk een goed stel benen verprutst. Chagrijnig kon ik er echter niet van zijn.

IMG-20160529-WA0008
Een vers bidonnetje van vaste verzorger en tacticus Mart Maarschalk was de start van een mooie slotfase… foto: Paul Classens
IMG_4676
… die op de eerstvolgende klim begon met het inhalen van een aantal achterblijvers van de halve marathon.
Wattages Rhens
Gemiddeld Normalized Hartslag
279 315 164

Montferland MTB Marathon
Gesterkt door het goede klimgevoel en prima wattages (zie hierboven) van Rhens stond ik een week later in het startvak in ‘s-Heerenberg – waar de tweede manche van de Sforz Cup werd verreden – met het idee om er het eerste half uur in te vliegen, een mooie groepje te vinden en dan maar te zien waar het schip zou stranden. Ik ging volle bak uit de startblokken, zat na een paar kilometer bijna frontaal tegen een boom aan en miste de tweede groep op een haar na, maar kon mijn verzuurde lijf na een half uur gelukkig nog net aanhaken bij de wagonnetjes van Tibor Zwaan, een snelle Duitser en Jan Weevers. Ik zat redelijk comfortabel en had het plan om in ieder geval tot het einde van de tweede ronde te volgen, tot een lekke band roet in het eten gooide. Ondanks dat oponthoud van opnieuw drie minuten kwam ik na een fijne laatste twintig kilometer (solo) toch nog als vijftiende over streep. Conclusie: ik had dankzij materiaalpech een goed stel benen én een mogelijke top tien klassering verprutst. Chagrijnig kon ik er weer niet van zijn.

heerenberg 069 (800x532)
“Comfortabel” in het wiel van een paar klasbakken. Het kost Jan Weevers ook overduidelijk geen moeite om het wiel van brommer Tibor Zwaan te houden.  Foto: Ben van Reeden
Wattages Montferland
Gemiddeld Normalized Hartslag
271 305 165

Alpentour Trophy
Geen man overboord. In het trainingsschema van Guido had ik de Alpentour Trophy omcirkeld als eerste piekmomentje van het seizoen en daar was ik na de hierboven besproken ‘verprutsingen’ wel klaar voor. Mijn zesde deelname aan de Oostenrijkse vierdaagse, maar de eerste keer als elite-coureur. Wie Bikesight.nl op Facebook volgt, heeft al voor een groot deel meegekregen hoe dat gegaan is: goed! Ik reed een heerlijke eerste etappe (een rit die me altijd goed ligt), had het wat moeizaam in rit twee en drie maar sloot af met een heerlijke klimtijdrit. Blij zijn met een 41e plaats, het kan. In de beklimming van 13 kilometer en 1100 hoogtemeters ging het voor mijn gevoel zo makkelijk, dat ik me erop het laatst zelfs op betrapte dat ik er een beetje met de pet naar gooide. Ik was tevreden vanwege het passeren en achter me houden van enkele vaderlandse concurrenten en perste er daardoor niet écht alles uit. Daardoor bleef ik steken op 1 uur en 18 seconden, waar ik in de laatste twee kilometers nog wel wat tijdswinst had kunnen boeken en zeker onder het uur had uit kunnen komen. Daardoor werd ik 45e in het eindklassement van een sterk eliteveld.

Wattages Klimtijdrit
Gemiddeld Normalized Hartslag
315 327 161

Fruitsalade
Conclusie: met de benen zit het wel goed. Hoewel dit vooral het jaar is van mijn entree in het ‘elite-peloton’, blijft de Craft Bike Transalp samen met trainingsmaat Bart het grootste doel. Tot de start van die geweldige zevendaagse duo-marathon rijd ik nog marathons in Einruhr, Wiesbaden en (waarschijnlijk) Saalhausen. Doel: nog meer vruchten plukken en op 16 juli in het Oostenrijkse Imst beginnen aan een (hopelijk) gigantische fruitsalade.

3402_s1rs1_00118
De start van de eerste etappe van de Alpentour Trophy. Ik moest hier heel wat elite-kleppers laten rijden, maar heb – zoals op de achtergrond te zien is – wel het grootste deel van de rest van het veld achter me. Na deze ietwat snelle start, kon ik mijn tempo op de langste klim van de dag gelukkig volhouden. Foto: Sportograf.com

 

alpentourtackaert
De tweede dag verliep niet op alle fronten even soepel, ook niet bij Bart. Dat gaf ons mooie de gelegenheid om er een mooie Transalp-training van te maken. We kregen daarbij de kans om nog wat lastige gravelbochtjes te oefenen. Foto: Jolien Tackaert

 

alpentourtackaert3
Dit zit er misschien niet zo uit, maar dit is de steilste beklimming van de Alpentour. Mede dankzij mijn heerlijke 26/42 verzet hervond ik me op deze akelige poekel na intensieve start. In de slotfase kon ik daardoor nog flink wat concurrenten inhalen. Foto: Jolien Tackaert

 

alpentourstangerklimtijdrit
“It’s all about the marginal gains”, leerde ik onlangs van de wijze Brit Christopher. En dus monteerde ik voor de start van de klimtijdrit mijn vaste vork in mijn toch al niet zware Ninth. Scheelde zeker bergop, al verloor ik een fiks aantal van de gewonnen seconden weer op een korte wortepassage, vlak voor de finish, die ik op deze foto bijna bereik. Het had harder gekund, maar niet heel veel, zoals aan mijn gezicht op deze foto is te zien. Foto: Regina Stanger

Voeding
Net als in de voorgaande wedstrijden heb ik mijn kacheltje volledig laten branden op producten van Sponser Sportvoeding en dat bevalt nog steeds uitstekend. Waar ik in het verleden nog wel eens last had van een op hol geslagen maag na een koers, is dat nu vrijwel over. Met name de Energy Plus-gelletjes gebruik ik veel, zowel in 40ml als 60ml verpakking. Voor de slotfase krijg ik telkens een goede dosis energie (en scherpte) van een 60ml BCAA-gelletje. Ik drink geen koffie en om goed wakker te worden (en scherp te zijn voor de wedstrijd) neem ik telkens ongeveer 45 minuten voor een start een Activator. Ik merk ook dat ik warme omstandigheden veel heb aan een magnesium-stick. Tussendoor neem ik sporadisch een Long Energy (Salty)-gelletje en zeker in de Alpentour merk ik dat ik dat een fijne afwisseling vindt. Met het oog op de Transalp denk ik dat dit gelletje vaker ga nemen, ook om mijn cafeïne-inname iets terug te schroeven.

Sponser