NIEUWKUIJK – Het zorgde tijdens de Paasdagen voor ophef op sociale media: het bedrag om als bijschrijver mee te mogen doen aan de Pearl Izumi Benelux Cup in Nieuwkuijk was op zondag liefst 25 euro.  Het hoge bedrag – een deelname aan koers van iets meer dan een uur kwam daardoor voor late inschrijvers uit op 40 euro – blijkt te berusten op een misverstand. De organisatie van de Paasbike in Nieuwkuijk stelde daarom op maandag het bedrag bij naar 10 euro.

In het reglement van de Benelux Cup staat dat wedstrijden een bijschrijfbedrag mogen hanteren tot een maximum van 25 euro én dat dat bedrag volledig ten goede komt aan de organisatoren. “De organisatie van de Paasbike heeft echter aangenomen dat het voor elke organisatie altijd en immer 25 euro moet zijn”, vertelt André Coppers, als coördinator mountainbike van de Belgische wielerbond nauw betrokken bij het opzetten van de Benelux Cup. “Met de kennis van het gegeven dat dat niet noodzakelijk was, hebben ze het bedrag verlaagd.”

20150406_133746
Drukte tijdens de Paasbike, maandagmiddag. Foto: Bikesight.nl

Maar hoe komt het maximum van 25 euro dan in reglementen terecht? Coppers legt uit: “De mountainbikelandschappen in Nederland, België en Luxemburg zijn niet hetzelfde.  In Nederland ben je als organisatie zeker van een aantal renners, in Luxemburg is dat veel minder. Zo hebben echter evenveel financiële middelen nodig. Een wedstrijd organiseren kost geld, denk ook aan de afdracht richting de UCI (800 euro, red.), het inhuren van commissarissen en ga zo maar door. Ga voor een manche in de Benelux-Cup uit van een budget van 15 tot 20.000 euro.”

Door de onzekerheid die de Luxemburgse organisatoren hebben, kwam vanuit de bond van dat land een verzoek voor hoge inschrijf- en bijschrijfgelden. Coppers: “Dat zijn ze daar ook meer gewend. Ik kan het bedrag voor bijschrijfgeld dat ze wilden hanteren best noemen. Dat was vijftig euro. Uiteindelijk zijn we tot een compromis gekomen van 15 euro inschrijfgeld en maximum 25 euro bijschrijfgeld. Nogmaals: het is dus aan de organisatoren om te bepalen wel bedrag ze hanteren.”

Het blijven handhaven van een extra bedrag voor het later inschrijven is volgens Coppers noodzakelijk. “Als iedereen netjes op tijd zal inschrijven, dan zou het niet meer nodig zijn. Maar dat is niet het geval. We willen daarmee echter wel een signaal afgeven om op tijd in te schrijven. Het is voor renners fijn, voor organisatoren en voor de bonden. We gaan echter wel nog duidelijker communiceren tot wanneer je kan inschrijven. Dat zal tot woensdag middernacht voor een koers zijn. Ik neem aan dat de meeste renners dan toch weten wat hun programma is.”

Een bedrag van 40 euro voor het meedoen aan een wedstrijd, Coppers snapt dat renners dat veel vinden. “Maar wat ik niet snap is dat renners naar een koers gaan zonder het reglement te lezen. Of ze meedoen met 25 euro exta inschrijfgeld, dat is aan de renners zelf. De mountainbikesport is nu eenmaal niet zelf bedruipend, we hebben geen hoge verdiensten van sponsoren of publiek dat betaalt voor entree. Het meedoen aan een wedstrijd kost daarom geld. Kijk je naar wedstrijden in Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland, bijvoorbeeld de Bundesliga, dan ben je meer kwijt.”