Tetris zonder high-score, maar mét hoofdprijs in Sundern-Hagen
Het gaat na mijn avonturen als adjudant van Prins Sander van carnavalsvereniging De Nölers uit Cuijk eigenlijk van een leien dakje. Het is inmiddels ruim anderhalve maand geleden dat ik tijdens het Herringschelle in Café-Tapperij Kansas mijn laatste biertje dronk en sindsdien gaat het, het kon ook niet anders, crescendo met de conditie. In de aanloop naar, en ook in het blok van mijn eerste marathons werkte ik vooral aan mijn aerobe basis. Ook deed ik wat intensief werk tijdens KNWU-trainingen en tijdens die middagen probeer ik ook wat aan mijn techniek te schaven.
Dat laatste gaat nog niet helemaal soepel en mede daardoor verprutste ik in La Hallonienne een goed resultaat. Ik weet ook: dat gaat tijdens de SKS Bike-Marathon in Sundern-Hagen niet zo’n groot probleem worden. Ik kan het parcours dromen en het aantal lastige passages is op de vingers van één hand te tellen. Daarom start ik zelfs voor het eerst sinds 2016 een wedstrijd op een hardtail: een (iets getunede) Orbea Alma M-Pro Demobike van mijn sponsor Hendriks Wielersport uit Wanroij.

Als ik in de ochtend bij de Camperinho mezelf aan het voorbereiden ben zit ik er lekker in. Focus, voedingsplan, koerstactiek, moraal: achter alles zet ik wel een vinkje. Het enige dat niet zo goed gaat is mijn banden op exact de juiste druk zetten. Mijn vaste bandenspanningsmeter weigert al een week dienst. Ook mijn reserve, een van SKS die ik ongetwijfeld een jaar of vijftien hier geleden als startcadeautje heb gekregen, geeft waardes aan waarvan mijn duim op de band voelt dat ze niet kloppen.
Goed, het metertje op mijn fietspomp vertrouwen dan maar en als we een paar uur later traditioneel met een groot peloton over asfalt richting de eerste onverharde strook jagen ben ik er al lang niet meer mee bezig. Ik heb het plan om hoog in te zetten tijdens deze wedstrijd. Ik deed denk ik al tien keer mee hier (de eerste keer in 2005) en werd (uit mijn hoofd) al twee keer zesde en een keer vijfde. Dat laatste, goed voor het podium, is vandaag het doel. Daarvoor moet ik in het begin misschien wat meer gas geven dan dat ik volgens mijn reguliere koerspatroon zou doen.

Terwijl een paar rappe Duitsers vooraan een beetje kat en muis aan het spelen zijn tijdens de brede start over asfalt, blijf ik consequent bij de eerste vijf. Achter Kryspin ‘Pool van de Peel’ Pyrgies duik ik als derde het veld in en bij de eerste strook bergop merk ik dat ik een goede dag heb. Ik zit nog steeds bij de eerste drie. Maar goed terwijl ik in mijn hoofd ook al weer een vinkje zet achter een geslaagd startplan, heb ik in de korte, ietwat natte afdaling richting de eerste echte lange beklimming alweer twee bochten gemist en de kopgroep moeten laten gaan.
Dit gaat me niet gebeuren, bedenk ik me en voor straf waag ik de sprong naar voren. Vijftig meter, wordt veertig meter, wordt dertig meter, twintig meter, tien meter, nul meter – yes ik zit erbij, kak het wordt weer een stuk steiler – weer tien meter, twintig meter, dertig meter, veertig meter en tja. Gelost. Plan B dus. Niet mee met de kopgroep.

Tegen de tijd dat ik ben bekomen van mijn alles of niets poging bevind ik me in een groep met o.a. de PvdP als ook de Duitser Peter Hermann. Het is het begin van een spelletje Tetris van een kleine vier uur. Klasbak Hermann ontwikkelt op kop – op zijn karakteristieke manier, zonder om te kijken – een tempo dat ik net kan volgen, ook omdat de Alma bergop als de brandweer gaat. Het beulswerk van Hermann (de man won regelmatig dit soort koersen) kost meerdere gasten in onze groep één voor één de kop.
Maar: telkens als mijn Tetris-blokjes de bovenkant van het scherm dreigen te raken is daar de top van de klim en veeg ik de boel voor een groot deel weer schoon. Een paar keer kom ik na een snelle afdaling in de problemen maar ook dan kan ik met een inspanning (ik voel me sterk) de schade repareren en weer een paar lijnen wegspelen.
De Alma heeft (nu nog) maar één bidonhouder. Het is uitkienen met drinken. Dat dreigt me op een paar momenten in de problemen te brengen maar ook daar kom ik goed weg, met verzorger Moti die telkens precies op tijd klaar staat. Na de doorkomst in Hagen speel ik zelfs bijna al mijn Tetris-blokjes weg als Hermann de handdoek in de ring gooit. Ik ben ineens redelijk comfortabel met alleen Kryspin op pad en langs de kant horen we dat we vierde en vijfde liggen. Met redelijk wat marge achter ons. “Steady uitrijden, dan komt het wel goed”, geeft Moti aan.
We rijden een groot deel van de tweede ronde samen. Hij iets meer op kop dan ik, vooral bergaf. Ik merk dat het steeds lastiger wordt nog wat Tetris-lijnen te leggen. Kryspin rijdt stug door en na de passage van de skihelling Wildewiese – met eigenlijk alleen nog maar de laatste beklimming in het verschiet – stapelen de blokjes zich in een versnellend tempo op en moet ik ‘m laten gaan.
Zo kom ik niet met een highscore over de finish, maar met een evenaring van mijn beste prestatie hier. Vijfde dus, wel met hoofdprijs: een nieuwe SKS-bandenspanningsmeter!
