bikesight.nl

Blog

Zillertal Bike Challenge: voor de liefhebbers van klimmen

Hoevaak ik in in mijn mountainbikeleven tijdens een afdaling op achterstand ben geraakt? Ik ben de tel kwijt geraakt, maar als je dat regelmatig gebeurt dan ontwikkel je wel een liefde voor klimmen. Bergop heb ik namelijk heel wat gaatjes dichtgereden. Het is niet alleen dat waarom ik graag omhoog rijd. Gewoon, het gevecht van man tegen berg. In de natuur, het zweten, de cadans, de inspanning, de beloning van het ronden van een top. En ook wel de (toch wel leuke) afdaling als beloning voor al het werk.

Hoewel ik op momenten van moeilijkheden ook poekels heb vervloekt bij het leven, staat de Zillertal Bike Challenge daarom al lang op mijn verlanglijstje. De reden: hoogtemeters bij de vleet en, wat ik van horen zeggen heb, afdalingen die goed te doen zijn. “Een kolfje naar mijn hand”, dacht ik toen afgelopen winter de inschrijving rond maakte. Drie etappes, in totaal 188 kilometer en liefst 9100 hoogtemeters: daar kan ik me flink uitleven.

Daarbij valt de Zillertal Bike Challenge (30 juni – 1 juli) perfect in de voorbereiding voor de Transalp. De vele hoogtemeters en de gewenning aan het urenlange bergop rijden zijn ideaal, zo twee weken voor hét piekmoment van het seizoen. Dat ik daardoor niet in mijn allerbeste vorm aan de start sta neem ik voor lief. De conditie is goed, wat extra vermoeidheid van een paar pittige trainingsweken zal me niet hinderen plezier te hebben en dus reis ik met een tussenstop (om te veel extra vermoeidheid te voorkomen) bij Tibor in Würzburg met veel zin richting het Zillertal, waar de start is in Fugen.

Etappe 1 (68km / 3000hm)
Fugen – Zell am Ziller

Wie zich inschrijft voor de Zillertal Bike Challenge wil klimmen en die krijgen we van quitte af aan. Twee cols staan er op het menu. Vanaf kilometer 0 gaat het stevig omhoog. Alhoewel ik me heb voorgenomen me volledig te concentreren op mijn eigen tempo laat ik me verleiden om in de eerste paar kilometer teveel gas te geven. Ik probeer zelfs even aan te haken bij de kopgroep van tien man, maar kom daar héél snel van terug

Is het die snelle start, is het de hoogte (het gaat al snel richting de 1500 meter); het zal een combinatie zijn, maar ik heb een wat blokkerend gevoel in mijn longen (en de rest van mijn lijf). Toch zak ik er na mijn enthousiaste start niet helemaal doorheen. Sterker nog, langzaam maar zeker herstel ik en ik rij weg bij mijn Nederlandse concurrenten Adriaan Botma en Remco Smits die ik onbewust toch een beetje in de smiezen hou.

Het weer is niet al te best en hoe hoger we komen hoe mistiger en natter het wordt. De eerste vrouw in koers (een klein ding uit Finland) heeft zich vast genesteld in mijn wiel. Ik maak me er niet al te druk om, ik ben vooral bezig het minst zuigende gedeelte van het schotterpad te zoeken en doe daarnaast een geslaagde poging om al fietsend mijn dunne regenjackie aan te doen.

Op een tussenstuk (flauw bergop) en in de lange afdaling blijft de situatie hetzelfde, maar eenmaal beneden voel ik in een asfaltbocht dat mijn voorband slap wordt. Nog geen twee seconden later zie ik een pomp staan. Ik sta een minuut stil, maar hou m’n Nederlandse concurrenten achter me.

Dat geeft me voldoende moraal om de tweede poekel van de dag zo hard mogelijk op te rijden. Dat gaat lekker (ik haal denk ik een man of tien in)  en dat is precies hoe ik de Zillertal Challenge in gedachte had: bergop vlammen in een fijne cadans. Ook in de afdaling bol ik lekker naar beneden, het vlakke stuk richting de streep in Zell am Ziller pers ik er nog een tijdritje uit. Dat brengt me na 3.08u op de 23e plek, een meer dan degelijke start.

Even pas op de plaats op de startklim. Hier heb ik nog niet echt een idee hoe ik de eerste klim fatsoenlijk ga overleven. Foto: Gerrie Dijkink

Etappe 2
Zell am Ziller – Mayrhofen (69km/3100hm)

 

Als gezegd: wie wil klimmen, kan het krijgen. De tweede etappe van de ZBC gaat in het begin van 600 meter naar 2500 meter. Aan een stuk, in een kilometer of zeventien met aan het einde een supersteil loopstuk. Omdat daarna nog een colletje komt en ik weet dat het meer dan anderhalf uur klimmen is in de brandende zon gaat vanaf het begin de ogen meteen op de powermeter.

Iets meer dan 300 watt van beneden tot boven is het credo. Ik moet even de pijn verbijten als flink wat bikers (inclusief m’n concurrenten van een dag eerder, en de eerste dame) bij me wegrijden, maar ik blijf bij mijn plan. Gelukkig betaalt dat zich uit: langzaam maar zeker vind ik mijn weg naar voren. Ondertussen heeft Botma mijn wiel gevonden en samen sluiten we vlak voor de laatste steile kilometers aan bij Smits.

Het is daar dat ik misschien wat optimistisch wordt. Ik schat dit stuk net wat verkeerd in en ga om bij Smits te kunnen blijven net wat te diep, zonder er echt erg in te hebben. De voor Zillertal-bergrippen lastige downhill richting een tussenklimmetje gaat soepel, maar het gat dat ik op het loopstuk op Smits heb moeten laten krijg ik daar niet dicht. Botma (tegen de 80 kilo) heeft op het steile stuk ook moeten lossen en rijdt een paar haarspeldbochten lager.

Ook vast trainen voor de Transalp: het sjouwen van de fiets. Bleek op deze manier niet het snelste. Volgende week kan het zo maar zijn dat mijn zeer sterk lopende teamgenoot Bart mijn fiets ook omhoog duwt. Foto: Zillertal Challenge

Zo draait het op de laatste beklimming uit op een strijd van man tegen man. Ik heb het gevoel gespaard te hebben, begin voortvarend en rij relatief snel naar het wiel van Smits toe. Echt afstand krijg ik niet en op ongeveer driekwart moet ik mijn positie weer prijsgeven. Ik val aardig stil en een Belg van Beebikes komt me voorbij. Die heeft het ook aardig gehad: “Amai, dit is niet voor te lachen niet meer”, vat hij zijn status samen.

Er volgt nog een golvend gedeelte met prachtig panorama, maar heel veel oog heb ik daar niet voor (zie foto boven). Botma heeft zijn rappe benen namelijk gevonden en komt als een stoomtrein voorbij. De rest van de etappe is de opdracht simpel: zijn wiel houden. Dat lukt op het panomarapad nét, in de afdaling prima en op het vlakke stuk richting finish helaas niet meer.

Botma ontwikkelt daar een dusdanig tempo dat ik simpelweg uit zijn wiel gekletst wordt. Smits en een Oostenrijker blijven wel in zijn spoor en halen ook nog een paar andere concurrenten bij. Daardoor mis ik een plek in de top twintig, en word ik weer 23e, na 4.05u.

Etappe 3
Mayrhofen – Hintertux Gletcher (51km/3000hm)

Normaal gesproken heb ik tijdens een meerdaagse altijd een goed beeld van het algemene klassement en wie de concurrentie is, maar tijdens de Zillertal ben ik er maar weinig mee bezig. Ik weet dat ik er degelijk voorsta (plek 20) en omdat de laatste etappe me toch wat angst inboet bekijk ik wat mijn voorsprong is op de Nederlandse concurrentie: ruim anderhalve minuut op Smits, ongeveer zes op Botma. Met een brute klim op het einde (600hm in de laatste 4 kilometer, en dat boven de 2000 meter) heb ik er vertrouwen in dat ik stand hou.

Met dat bizarre slot in het vooruitzicht wordt er op de eerste klim vooral naar elkaar gekeken. Zo rijden we met een man of acht richting de top. Ik voel me goed, kan harder maar zie geen noodzaak, ook omdat voor de laatste lange beklimming ook nog een stuk vals plat zit. In de afdaling daar naar toe slaat een en ander uit elkaar, maar in de vallei vormt zich een grote groep. Daar gaat het er relaxt aan toe. Ik heb rustig de kans om van supporters Joan en Gerrie mijn reserve-GPS uit de auto aan te pakken (mijn Garmin is vastgelopen, gelukkig heb ik mijn Bryton ook mee) en wat te eten. Het rustig peddelen heeft wel tot gevolg dat er nog een groep van achter aansluit.

De omgeving waar we rijden is fantastisch en we kunnen ergens ver bij ons vandaan een hoge top zien waar we heen moeten. Ik besluit zo veel mogelijk mijn eigen tempo te gaan rijden, heb er vertrouwen in dat dat genoeg is om met de besten van het groepje mee naar boven te rijden, maar dat valt tegen. Sterker nog: hoe hoger we komen, hoe meer ik er doorheen zak. Ik voel de energie uit mijn lijf wegvloeien en verlies een paar plekken. Smits verdwijnt snel uit het zicht, Botma rijdt me ook voorbij.

In de verte komt ze al aan: de eerste vrouw in koers. Op het nog steilere stuk hierna heeft ze me redelijk vlot te pakken. Foto: Gerrie Dijkink

Dat brengt me ook mentaal in de problemen. Omdat het resultaat me eigenlijk niet zo heel veel interesseert kan ik me maar moeizaam motiveren om mezelf helemaal leeg te trekken. Ik zit inmiddels in de fase dat ik de klim begin te vervloeken en omdat er in de Transalp nog 17.000 hoogtemeters aan zitten te komen wil ik dat niet erger maken. Echt veel rustiger aan doen zit er echter niet in.

Die laatste 4 kilometers zijn namelijk een hel.

Steil, steiler, steilst. Het is worstelen met de neus op het stuur, na elke bocht snakken naar een minder percentage en dat met al bijna 2500 hoogtemeters in de benen. Soms is het zoeken naar grip op het achterwiel, twee keer moet ik zelfs een paar stappen lopen omdat ik helemaal stil val. Gelukkig verlies ik niet heel veel tijd meer op de mannen voor me, maar ik word wel nog voorbij gereden door de eerste dame. Ik kan me er opnieuw niet druk om maken en ben vooral opgelucht als ik na driekwartier ploeteren het skistation bij de Hintertux Gletcher zie. Niet veel later, na nog een onmogelijk paadje te hebben overwonnen, fiets ik daar over de eindstreep. Na 3.29u, op een 27e plek in een fantastische omgeving. Op de aangrenzende gletcher zijn ze zelfs nog aan het skieën.

3000 meter klimmen in 50 kilometer: het is mooi geweest! Mooi is het daar überhaupt. Foto: Gerrie Dijkink

De Zillertal Challenge
Die aankomst (ik word uiteindelijk 21e in het eindklassement) geeft de Zillertal Challenge iets bijzonders. Voor de rest is het een zeer degelijke meerdaagse. De organisatie is top, het parcours is dat wat ik er vooraf van had verwacht. Relatief veel asfalt, veel schotter en heel veel beklimmingen. Daarvan is ongeveer driekwart goed lopend, de rest is van de vervelende aard. Veelal steil en op hoogte, en dat maakt het extra lastig. De afdalingen zijn allemaal goed te doen. De singletracks zijn schaars en allemaal ‘flowy’, het moeilijkste gedeelte is bovenop de eerste top van de tweede dag: een kort, breed maar pittig stuk met los gravel.

Een van de andere bijzonderheden aan de Zillertal Challenge zijn de verschillende categorieën waarvoor je kunt kiezen. Je gaat all the way (king/queen), of voor elke dag een enkele skilift om hoogtemeters te overwinnen (prince/princess), of voor vooral afdalen (lord/lady). Op het einde van elke etappe rijden alle categorieën door elkaar, iets dat overigens niet hinderlijk is. Het maakt de Zillertal Challenge met het technisch niet al te moeilijke parcours voor iedereen toegankelijk, ook omdat de startplaatsen niet ver van elkaar liggen. Eén (centrale) accommodatie kiezen is daarom voldoende, ook omdat indien nodig voor (openbaar) vervoer wordt gezorgd.

Op 2700 meter hoogte wordt elk steil klimmetje een beproeving.

Haus Fernwald
Vanwege wat last minute veranderingen in de planning (teamgenoot Bart kon op het laatste moment niet mee) werd ik uitgenodigd om bij supporters-, verzorgings- en analyse-team Gerrie en Joan te verblijven. Dat was in hun vaste uitvalsbasis Haus Fernwald in Alpbach. Een half uurtje rijden telkens, in een meer afgelegen en (ook) supermooi dal. Daarbij was het een uitstekende accommodatie om te verblijven, een ideale plek om nog eens te gaan trainen. Nogmaals: dank voor de gastvrijheid en goede zorgen, ook Johan en Marian van Haus Fernwald.

En nu..
Is het bijna tijd voor de Bike Transalp. Het werk is gedaan en de Zillertal Challenge paste wat dat betreft perfect in de voorbereiding. Het heeft me samen met trainer Hidde en tijdelijke voedingscoach Coen nog wat waardevolle informatie opgeleverd, onder meer over het omgaan met de hoogte en het finetunen van mijn voedingspatroon tijdens meerdaagses. Die inzichten gaan me zeker wat opleveren als we zondag in Imst (niet zo ver van het Zillertal) van start gaan voor onze zevendaagse tocht richting Arco. Alles is uiteraard te volgen via Strava, Instagram, Facebook

 

Zillertal Bike Challenge: voor de liefhebbers van klimmen
To Top